vakantie informatie

IJsland: het land van uitersten

Vandaag is onze eerste IJslandse dag. Na een stevig ontbijt -je moet de dag goed beginnen- gaan we op weg naar het meest bekende geisergebied van IJsland. Hier vind je Geysir; de moeder van alle geisers. Helaas is deze, gedeeltelijk door menselijk toedoen, ‘overleden’ waardoor hij niet meer spuit. Wel heeft een kleinere geiser met de naam Strokkur het geweld overgenomen.
Het is heel indrukwekkend om het water op en neer te zien deinen, voordat het omhoog wordt gespoten. In dit gebied zitten meer gaten in de grond. Bij sommige zie je het kokende water op de bodem borrelen; net als in een steelpannetje waarin je een ei kookt. Het is dus logisch dat bepaalde stukken terrein afgesloten zijn in verband met de hitte en de stoom. Typisch is de geur: een soort rotte eierenlucht, veroorzaakt door de zwavel in de grond. Het is even wennen.

Fossen
We nuttigen een kopje koffie in een cafetaria en springen in de bus, op weg naar de volgende bezienswaardigheid: de Gulfoss waterval. Deze wordt ook wel de ‘gouden waterval’ genoemd vanwege zijn prachtige kleuren als de zon door de nevel schijnt. Helaas hebben wij geen stralend weer, maar toch vinden we het erg indrukwekkend.
Dan is het tijd om verder te gaan met onze bus. Het is onze eerste ontmoeting met de ongerepte natuur van IJsland. We komen er meteen achter waarom onze bus zo stevig gebouwd is. De grote vierwielaandrijving blijkt geen luxe, maar bittere noodzaak te zijn in dit landschap. Wat ze hier een weg noemen, heet bij ons off road. Maar de bus schommelt en hobbelt zich er gelukkig met gemak doorheen. We steken er zelfs rivieren en meren mee over. Een spectaculaire ervaring! Onderweg komen we nog langs de Seljalandfoss waterval. We horen dan dat foss waterval betekent. In IJsland komen we nogal wat fossen tegen…

Het einde van de wereld
Op de derde dag, een erg regenachtige dag, bezoeken we de veertig meter hoge Skogafoss waterval. Het verhaal gaat (in IJsland zijn ze gek op legendes) dat er onder de waterval een pot met goud verborgen is. Uiteraard is deze nog nooit gevonden, ook door ons niet.
De reis gaat verder naar Dyrholaey. Op de kaap lunchen we. Normaal zitten hier veel papegaaiduikers, maar omdat we laat in het seizoen zitten, zien we er geen een. Wel genieten we van het uitzicht op de gitzwarte stranden. Alles is zwart en vol kiezels en keien. De kust bestaat niet uit duinen, maar uit prachtige basaltformaties die als een soort trap naar boven leiden. We zijn wederom onder de indruk.

Dan rijden we over de Myrdalssandur vlakte. Het landschap hier lijkt aan de ene kant van ons wel wat op Nederland; vlak en groen met veel boerderijen. Aan de andere kant is het totaal verschillend. Daar zie je grote rotspartijen en een gitzwart maanlandschap. Het lijkt wel alsof we aan het eind van de wereld zijn geraakt…Vervolgens gaat dit maanlandschap weer over in een soort groen bollig landschap. Onze gids vertelt dat deze bollen zijn ontstaan na een vulkaanuitbarsting.

We rijden dus op een soort lavaveld. Na deze vlakte doemt de Lomagnupur op; een enorme verticale rots die zo’n 660 meter recht de lucht in gaat. Duidelijk zichtbaar zijn de verschillende grondlagen in de rots, ontstaan door ijstijden en uitbarstingen. In de verte zien we de enorme gletsjertongen van de Vatnajokull en zien we het Nationaal Park Skaftafell liggen.
Hier gaan we morgen een dagwandeling maken. We bereiden ons voor in stilte, want de enorme ijsmassa doet iedereen verstommen.

Weggespoelde honden
Op naar het park Skaftefell. Eerst komen we bij de Hundafoss waterval. Hier gaat het verhaal dat bij het oversteken van de rivier een paar honden naar beneden zijn gespoeld. Vandaar de naam.
Niet veel later komen we aan bij de Svartifoss waterval, ook wel de zwarte waterval genaamd. Zwarte basaltkolommen op de achtergrond, een superheldere waterval op de voorgrond en heel veel begroeiing; indrukwekkend. Ook het weer zit mee. We lopen eindelijk gewoon in ons T-shirt en korte broek.

Het volgende uitzichtpunt is Sjonarsker. Hier moeten we flink klimmen, maar onze inspanning wordt beloond met een prachtig uitzicht op de valleigletsjer Morsarjokull en Skaftafellsjokull. Onder ons zien we het ijs liggen. Wel is het ondertussen erg koud geworden omdat de wind is gedraaid. Een fleecetrui is geen overbodige luxe.

Zwemmen in de krater
Dan vertrekken we naar de Askja vulkaan. Een groot gedeelte is ingestort na een vulkaanuitbarsting. De bodem van dit gebied is bedekt met inktzwarte lavastof en het laatste stuk lopen we naar de Viti-krater. Deze kleine krater is ontstaan bij een eruptie in 1875.
Het is mogelijk om rond de krater te lopen, maar veel spannender is een afdaling in de krater. Op de bodem heeft zich een warm meertje gevormd. Het water ziet er een beetje vaag uit; blauw en troebel. Ook stinkt het enorm naar zwavel. We twijfelen enorm, maar dalen uiteindelijk toch af om een plons te maken in het water. Beneden is de stank gelukkig veel minder heftig. Nooit gedacht dat we ooit zouden rondzwemmen in een krater!
De naam Viti betekent overigens ‘hel’. Dus mocht iemand tegen ons zeggen “loop naar de hel”, dan hebben we dat al gedaan.

Walvissen kijken
Vandaag maken we een walvisvaart. We gaan aan boord van een gerestaureerde vissersboot en na een stukje varen, zien we al meteen een walvis. Het is een minke-whale van ongeveer negen meter lang. Het spannende aan de walvisvaart is dat je nauwelijks weet waar je moet kijken. Als je de walvis ziet, is ze ook meteen weer onder. En je weet nooit waar ze weer boven komt.
Een constante zoektocht over het water dus. De boot volgt de walvis een tijdje en we krijgen een ware show van haar te zien. Iedere keer als ze boven komt, draait ze zich op haar zij. Ook spuit ze af en toe het bekende walvisfonteintje. We vinden het erg bijzonder.

Dimmuborgir
Het gebied waar we vandaag gaan wandelen heet Dimmuborgir, wat ‘donkere burchten’ betekent. In dit gebied zijn verschillende gemarkeerde routes uitgezet. Dit is bewust gedaan, want dit lavaveld heeft ook de bijnaam ‘lava labyrint van Myvatn’. Tijdens de wandeling blijkt ook waarom. De scherpe rotsen steken overal omhoog en met iedere bocht die je maakt, beland je in een nieuw rotsgebied. We zien hier twee prachtige natuurkunstwerken.
Als eerste Kirkja; een rotsformatie met een soort grot erin. Deze ‘grot’ is ontstaan door het afkoelen van de lava. Onder de al min of meer harde bovenkorst vormt zich een gasbel die niet meer ontsnappen kan. De gasbel duwt de lava omhoog, waardoor deze ruimte ontstaat.
Het tweede kunstwerk is de Gaklettar; het hoogste punt in het lavaveld met een rond gat erin. Hier kun je doorheen klauteren, naar de andere kant van het lavaveld. Vanaf hier loop je richting de krater. Boven op de krater stormt het als het ware, dus we trekken snel onze jassen en handschoenen aan.

Lava
Daarna komen we nog bij een warmwatergrot met een temperatuur van 50 °C. Zwemmen hierin is dus zeer onverantwoord. De grot ligt op een breuk in het lavaveld. Je ziet de breuk over de lava lopen en er komen allerlei stoomwolkjes uit. Een behoorlijk actief gebied dus.

De volgende bestemming is weer een lava veld. Het gebied Leirhnjukur betreed je min of meer op eigen risico, omdat er overal nog dampen uit de lava komen. Deze zijn afkomstig uit hete magma onder de aarde. Sommige stukken lava zijn dus nog gloeiend heet. Ook moet je goed uitkijken waar je loopt. De geel gekleurde stukken moet je ontwijken, want als je hier op staat, heb je kans dat je in de hete grond wegzakt. Het is een bizar idee dat we op een landschap lopen dat op sommige plaatsen niet meer dan vijftien jaar oud is.

IJsland is echt een land van uitersten, zowel qua weer, als mensen en landschap. Het is zeker een aanrader voor iedereen die nog een eerlijk en puur land zoekt.

Datum artikel: 4-09-2008 Reisverhalen



Zie ook:

Een reactie toevoegen over IJsland: het land van uitersten

ATP vakanties