vakantie informatie

China: Wandelen over de Chinese Muur

We vertrekken met een bus voor een tweedaagse trip naar de Chinese Muur. Eerst rijden we een heel stuk door de grote nieuwbouwvoorsteden van Beijing. Een omgeving die ik nog het meest vind lijken op Almere. Later rijden we de heuvels in en rond half twaalf arriveren we op de plaats van bestemming, Simatai. Na de lunch is het dan zover. Ik loop op de Chinese Muur! Vanuit Simatai loop ik zo’n veertien wachttorens lang over de muur. Af en toe zitten er stukken tussen die vrij steil zijn, maar over het algemeen is het goed te doen.

Als er iets is dat het zwaar maakt, dan is dat de warmte en het feit dat ik op vakantie altijd de nodige kilo’s aan fotoapparatuur meesleep. Het resultaat is dat ik, als ik op het eindpunt aankom, geen droge draad meer aan mijn lijf heb. Op het eindpunt staan de gebruikelijke souvenirverkopers. Van een vrouw koop ik een pakje met ansichtkaarten. Zelf heb ik een setje met ansichtkaarten en foto’s van Nederland bij me. Deze worden door de Chinezen met verbazing bekeken. Een vrouw vindt vooral een kaart met een grote bonte koe erg mooi. Ik probeer deze te ruilen voor een kaart van de Chinese Muur, maar de vrouw begrijpt mij niet (of is veel te slim om dat te laten merken) en uiteindelijk geef ik haar de ansichtkaart. In de loop van de middag is de lucht steeds donkerder geworden. Als ik, op de terugweg naar het hotel, in een wachttoren even sta uit te rusten, is het nog droog, maar kun je de regen gewoon aan horen komen. Even later regent het ook bij de wachttoren. Gelukkig zit er nog een goed dak op deze toren. Maar even wachten tot de bui over is. Het laatste stukje van de afdeling leg ik niet lopend maar tokkelend af. Aan een staaldraad hangend, daal ik af boven het Simataireservoir om het laatste stukje naar Simatai per boot af te leggen. Al met al een heel bijzondere dag.

Verboden Stad
Na het ontbijt gaan we op pad voor een wandeling over de Chinese Muur. Via een grote hangbrug steken we het Simataireservoir over en gaan op weg naar Jinshanling. Al snel komt de zon op en na een uur lopen zijn mijn kleren nat van het zweten. Klimmen, dalen, opnieuw klimmen, een beetje dalen, nog veel meer klimmen en aan het eind weer veel dalen. Vooral het eerste stuk is heel erg mooi. De muur is nog nauwelijks gerestaureerd en het is heerlijk rustig. Na een wandeling van vier uur bereiken wij Jinshanling. Wat smaakt een lekker koel blikje cola dan toch goed! Vanuit Jinshanling gaan we met de bus terug naar Beijing, waar we rond vijf uur aankomen. Terug in het hotel realiseer ik me wat voor bijzondere ervaring het lopen over de Chinese muur was. Vandaag wil ik de Verboden Stad gaan bekijken. Voor het hotel houd ik een taxi aan een laat mij vlakbij de Qianmenpoort aan de zuidkant van het Tiananmenplein afzetten. Eerst nog even snel ontbijten en dan op pad. Op het Tiananmenplein staat een indrukwekkend lange rij mensen voor (of beter gezegd rondom) het mausoleum van Mao. Op het plein is een brede strook afgezet met linten. Het grootste gedeelte van deze strook is, uitgezonderd een aantal ordebewakers met megafoons, leeg. Alle Chinezen blijven keurig binnen een veel smallere baan die door twee gele strepen op de grond wordt aangegeven. Met hun megafoons sporen de ordebewakers de menigte aan om zo snel mogelijk aan te sluiten. Dit lukt goed en de rij gaat snel vooruit. Dit houdt natuurlijk ook in dat de rij in het mausoleum net zo snel vooruit gaat en dat er dus weinig tijd is om Mao te groeten. Ik steek het Tiananmenplein verder over en loop naar de zuidelijke ingang van de Verboden Stad. Hier huur ik een audio-tour en even later loodst James Bond (Roger Moore) mij door de Verboden Stad. Ondanks dat een deel van de gebouwen in de steigers staat, blijft er nog voldoende over om van te genieten. Dat wil zeggen, als je er bij kunt. De Chinezen zelf brengen ook massaal een bezoek aan de Verboden Stad. Gelukkig zijn er maar weinig lange Chinezen, zodat ik met mijn 2.04 meter wel over de meeste Chinezen heen kan kijken. Heel slim hebben de Chinezen een soort van eenrichtingsverkeer gecreëerd in de Verboden Stad. De meeste mensen komen binnen via de zuidelijke ingang en verlaten de Verboden Stad weer aan de noordkant.

Acrobatiekvoorstelling
Vanaf de noordelijke toegangspoort van de Keizerlijke Bloementuin loop ik naar het Beihai-park. Helaas staat de Witte Pagode in de steigers. Langs het meer loop ik naar de noordkant van het park. Hier ben ik een paar dagen gelden ook al geweest, maar ik heb er toen door de hevige regenval niet echt van kunnen genieten. Als ik bij een klein theehuisje ga zitten, raak ik in gesprek met een Chinees die, in tegenstelling tot de meeste Chinezen, heel goed Engels spreekt. De man weet heel veel van Nederland. Dit blijkt te komen doordat hij twee jaar (1985/86) in Eindhoven heeft gewoond. ‘s Avonds ga ik naar een Chinese acrobatiekvoorstelling. Het is een geweldige voorstelling waar ik met een dubbel gevoel naar zit te kijken. Sommige acrobaten zijn namelijk nog wel erg jong. Jongens en meisjes die ik niet ouder schat dan 8 à 10 jaar doen mee aan de voorstelling. Later hoor ik dat deze groep op de ‘universiteit’ zit waar ze naast acrobatieklessen een uitgebreide opleiding krijgen, zodat ze ook buiten de acrobatiek goede toekomstmogelijkheden hebben. Voor een deel van deze kinderen zou dit wel eens de enige mogelijk voor het volgen van een goede opleiding kunnen zijn.

De volgende dag vertrekken we alweer uit Beijing voor het vervolg van de 31-daagse rondreis door China.

Datum artikel: 14-05-2008 Reisverhalen



Zie ook:

Een reactie toevoegen over China: Wandelen over de Chinese Muur

ATP vakanties