vakantie informatie

China: Niet seven years, maar fifteen days in Tibet

In verband met je visum is er, om vanuit Nepal in Tibet te komen, geen andere optie dan het boeken van een vijfdaagse groepsreis. Het wordt uiteindelijk een vijftiendaagse reis en daarvan snoept de heenreis er al vijf op. De eerste dag brengt ons naar de grens. Door motorische pech aan de bus zijn we net te laat aan de grens om de travel-permit voor Tibet te regelen. Helaas hebben we dus de volgende dag een langere dag te gaan. Aan de grens maken we een prachtige ‘poppenkast’ van de Chinezen mee. We krijgen een laserpistool op ons hoofd in verband met de SARS die een bepaalde waarde zou moeten kunnen meten. Dan door naar het volgende hokje. Er gebeurt daar helemaal niets met de formulieren en je krijgt geen stempel in je paspoort want ‘ze’ willen vooral niet weten dat je in Tibet bent geweest! Dat is in een notendop onze eerste kennismaking met China. Er wordt hier trouwens ook steevast over China en een Chinese gids gesproken en niet over Tibet en Tibettaans.

We slapen in een vreselijk hotel en maken voor het eerst kennis met het Chinese sanitair. Je doet je kleine en grote boodschap gezellig met vier man naast elkaar, zonder deur en zonder tussenschot. Op deze manier maak je nog eens een Chinees buurtpraatje. De tweede dag brengt ons naar Lhatse waar we, vanwege het oponthoud van de eerste dag, pas om 23.30 uur aankomen. Dit keer hebben we werkelijk een prachtige basic kamer met Tibettaanse schilderingen. De volgende dag weer vroeg op en door naar Shygatse. Hier krijgen we een dusdanig verschrikkelijke ‘dorm’ dat we besluiten bij te betalen en een kamer te boeken. Op dag vier gaan we eerst naar het klooster van Shygatse, het Tashilhunpo Monnastary. Werkelijk prachtig om te zien. Het is een wirwar van steegjes en onderkomens. Je mag eigenlijk nergens filmen en fotograferen, maar met een paar slimme ‘overtredingen’ komen we toch nog aan beelden van de binnenkant van het klooster. Ik schiet meer dan een rolletje vol en daarna kunnen we op weg naar Gyantse, denken we. Een Belg schijnt iets fout gezegd of gedaan te hebben ten aanzien van een monnik en dus kunnen we met het gehele gevolg mee naar het politiebureau en de Belg moet zelfs naar binnen. Na drie kwartier blijkt het een groot misverstand te zijn.

Lhasa
Dus toch, met vertraging, op naar Gyantse, waar we een kasteel boven op een berg bezoeken. Via zeer authentieke Tibettaanse straatjes komen we bij de Kumbum tempel met bijbehorend klooster. Prachtig! We hebben weer een betere slaapplaats. De volgende dag, de vijfde, bereiken we, na een normale rit van rond de zeven à acht uur, Lhasa. Lhasa is een enorme tegenvaller qua architectuur. Bijna niets van wat je in de film ziet is er nog. Alleen maar grote Chinese gebouwen met gouden Chinese tekens op de muren. Er is nog een wijkje waar het is zoals het vroeger was en daar trekken ook alle backpackers naartoe: Barkhor Square met de Jokhang tempel. Werkelijk heerlijk om daar gewoon de hele dag te zitten, te lezen, te fotograferen en te kijken naar alles wat voorbij komt. Samen met twee Italianen boeken we een Landcruiser voor vijf dagen om het platteland op te gaan. Dat is de beste beslissing van ons Tibettaans avontuur, afgezien van de dweil van een chauffeur die we krijgen. Er is ons een Engelssprekende gids beloofd, maar er komt nog niet eens yes en no uit zijn mond. Uiteindelijk hebben we maar 50% van de trip betaald omdat er twee evenementen door onze neus zijn geboord en we alles onderweg zelf hebben moeten regelen, van guesthouse tot entreeprijzen.

Namtso-lake
We trekken vijf dagen uit om het Namtso-lake te zien. Het is het op een na grootste zoutmeer van China. Erg leuk als je ‘s avonds aan het meer in een tent zit te eten en vraagt om zout bij het eten en dan te horen krijgt: Nee, zout hebben we niet. Indrukwekkend is het turquoise meer met een prachtige rots met gebedsvlaggetjes en biddende en prosternerende (staan, knielen, liggen en weer staan, drie passen lopen en weer alles herhalen en dat 11.111 keer) mensen. De volgende dag is het de bedoeling om naar een festival te gaan, maar vanwege de gebrekkige communicatie met de chauffeur hebben we dit niet gezien. We zijn namelijk te laat. We zien bij het klooster de zegening van een Thanka van tien bij tien meter. Dit wordt gedaan door de hoogste Lama van het klooster, een jochie van zes jaar. Die dag gaan we door naar Tidrum waar we twee nachten blijven. We moeten echter het contract laten zien want de chauffeur wil eigenlijk de volgende dag naar huis en dat terwijl hij het programma van vijf dagen zwart op wit bij zich heeft, een dweil dus. Afijn, het zijn wel de mooiste dagen van ons verblijf in Tibet geworden. Blauwe lucht, warmwaterbronnen bij het guesthouse en een prachtwandeling de berg op. Op 4600 meter de Nomaden gezien in tenten met hun kudde Yaks en verder helemaal niemand; echt een waanzinnige ervaring. Uiteraard maken we, voordat we terug naar beneden gaan, de nodige foto’s. De volgende dag is het slotstuk van de reis. We rijden naar het Drigung klooster waar we waarschijnlijk een sky-burrial gaan zien. Daar aangekomen kunnen we het wederom zelf uitzoeken, de chauffeur stapt alleen uit.

Sky-burrial
We vinden een monnik die ons het kaartje van het klooster verkoopt. Met handgebaren vragen we of we een sky-burrial kunnen zien. Hij wijst naar een paadje en met zijn vingers naar boven, lopen dus maar. Het regent, het decor voor een sky-burrial. Ik zal niet in detail treden, maar stel je maar voor dat een mens wordt gefileerd en daarna door zo’n honderd gieren binnen tien minuten tot een skelet wordt verwerkt. Dat wordt fijn gehakt en met poeder vermengd en dat wordt ook door de gieren opgegeten. De perfecte manier om ‘naar boven’ te gaan daar de ziel het lichaam in de eerste 24 uur al heeft verlaten. Dat we na deze gebeurtenis stil zijn, zal niemand vreemd vinden. We rijden terug naar Lhasa, ieder met zijn eigen gedachten. De volgende dag kijken we nog wat rond, bezoeken de Potala en kopen wat souvenirs. Dan is de dag gekomen dat we met de bus terug gaan naar Kathmandu. Uiteraard gaat alles op zijn Aziatisch; er is geen bus, er is geen auto, er is wel een auto, we krijgen ons geld terug en er is opeens weer een auto. Afijn, een auto dus en twee dagen later staan we aan de grens. Het is het seizoen van de landslides (aardverschuivingen) en dat zullen we weten ook. Bus in, bus uit, auto in, auto uit, door watervallen en modder maar na tien uur in plaats van de gewone vijf uur zijn we in Kathmandu. Heerlijk om je weer in het Nepalees verstaanbaar te kunnen maken.

Datum artikel: 9-05-2008 Reisverhalen



Zie ook:

Een reactie toevoegen over China: Niet seven years, maar fifteen days in Tibet

ATP vakanties